Makkelijke planten voor binnen en buiten: waar begin je?
Makkelijke planten bestaan zowel voor binnen als voor buiten, maar makkelijk betekent op elke plek iets anders. In de woonkamer gaat het om een plant die een vergeten gietbeurt en een donkere hoek verdraagt. In de tuin om een soort die elk jaar terugkomt zonder dat je hoeft te spitten of opnieuw te planten.
Hieronder vind je eerst de sterkste kamerplanten, dan de tuin en daarna pot en balkon, met per groep een handvol soorten die bij beginners vrijwel altijd slagen.
Wat maakt een plant eigenlijk makkelijk?
Drie eigenschappen bepalen of een plant jouw fouten vergeeft. De eerste is een waterbuffer: vlezig blad, een dikke stam of ondergrondse knollen waarin de plant vocht opslaat. Mis je een gietbeurt, dan teert hij daarop.
De tweede is lichttolerantie. Soorten die van nature onder hogere bomen groeien, zijn gewend aan gefilterd licht en blijven in een gemiddelde huiskamer gezond. Zonaanbidders gaan er daar juist op achteruit.
De derde is groeikracht in de juiste verhouding. Een buitenplant die sterk groeit, overgroeit onkruid en herstelt snel na een koude winter. Binnen is het juist andersom: een trage groeier verbruikt weinig water en voeding, hoeft zelden verpot te worden en blijft jarenlang op dezelfde plek passen. Minder groei betekent daar dus minder werk.
Welke makkelijke planten zet je binnen neer?
Deze zeven kamerplanten verdragen droge verwarmingslucht en een wisselend gietritme. Per soort zie je waar hij het best tot zijn recht komt.
- Sansevieria (Dracaena trifasciata): naast de bank of in een lichte hoek. Hij verdraagt ook een raam op het zuiden.
- Zamioculcas (Zamioculcas zamiifolia): in een hal of werkkamer met weinig licht, waar veel andere planten afhaken.
- Graslelie (Chlorophytum comosum): in een hangpot bij het raam, zodat de uitlopers vrij naar beneden hangen.
- Hoya (Hoya carnosa): op een oost- of westvensterbank, waar hij genoeg licht krijgt om te bloeien.
- Peperomia (Peperomia obtusifolia): op een bureau of plank, compact en niet giftig voor huisdieren volgens de ASPCA.
- Olifantspoot (Beaucarnea recurvata): vlak bij een zonnig raam, want hij houdt van veel licht en weinig water.
- Aglaonema (Aglaonema): op een plek met halfschaduw, bijvoorbeeld een tafel midden in de kamer.
Water geven doe je bij al deze soorten pas als de bovenste centimeters grond droog zijn. De RHS-gids voor kamerplanten legt uit waarom te veel water de meest voorkomende oorzaak is dat kamerplanten doodgaan. Een ruimere lijst lees je in sterke planten voor binnen.
Weet je niet zeker welke plant bij jouw plek past?Doe de quiz en vind in 2 minuten jouw groene match.Welke makkelijke planten horen in de tuin?
Buiten zijn vaste planten de makkelijkste keuze. Ze sterven in de winter bovengronds af of blijven groen, maar hun wortels leven door. Elk voorjaar lopen ze opnieuw uit, dus je plant één keer en geniet jarenlang.
- Ooievaarsbek (Geranium): bloeit maandenlang, groeit in zon en halfschaduw en sluit de grond af, zodat onkruid minder kans krijgt.
- Vetkruid (Sedum): dikke bladeren die water opslaan, ideaal voor een droge, zonnige plek of een rotstuin.
- Salie (Salvia nemorosa): paarse bloeiaren waar bijen op afkomen. Knip hem na de eerste bloei terug voor een tweede ronde.
- Siergrassen zoals lampenpoetsersgras (Pennisetum alopecuroides): één knipbeurt in maart en verder zorgeloos, met pluimen tot diep in de winter.
Deze soorten komen jaar na jaar terug omdat ze in ons klimaat winterhard zijn en een diep wortelstelsel opbouwen. Na het eerste jaar halen ze zelf water uit diepere grondlagen. Een tuin vol groen doet ook iets voor de omgeving: Milieu Centraal noemt onder meer betere opvang van regenwater en meer ruimte voor insecten. Bekijk ook onze vaste tuinplanten.
Welke planten kunnen in een pot op het balkon?
Zodra een plant in een pot staat, verandert er veel. De hoeveelheid aarde is beperkt, dus de grond droogt in de zomer sneller uit en bevriest in de winter van alle kanten. Een plant die in de volle grond makkelijk is, kan in een pot opeens veel aandacht vragen.
Kies daarom soorten die zowel droogte als koude wortels aankunnen:
- Lavendel (Lavandula angustifolia) voor een zonnig balkon, in goed doorlatende grond.
- Skimmia (Skimmia japonica) voor een schaduwbalkon, met rode knoppen in de winter.
- Purperklokje (Heuchera) voor kleur met blad in halfschaduw.
- Japanse hulst (Ilex crenata) als groenblijvende bol, zonder de buxusmot.
Gebruik een grote pot met een drainagegat. Hoe meer aarde, hoe langer het vocht blijft en hoe beter de wortels beschermd zijn tegen vorst.
Welke planten sla je als beginner beter over?
Sommige soorten zijn prachtig, maar vragen precies de aandacht die je als beginner nog niet hebt. Deze vier kun je beter bewaren voor later:
- Vioolbladplant (Ficus lyrata): laat blad vallen bij elke verhuizing of koude tocht.
- Olifantsoor (Alocasia): gevoelig voor te veel en te weinig water en trekt snel spint aan.
- Venusvliegenvanger (Dionaea muscipula): wil regenwater, veel licht en een koele winterrust.
- Boerenhortensia in pot (Hydrangea macrophylla): verdroogt in de zomerzon binnen een dag en bevriest makkelijk in een kleine pot.
Het zijn geen slechte planten. Ze reageren alleen snel op kleine fouten, en dat kan ontmoedigend zijn als je net begint.
Hoe geef je nieuwe planten de beste start?
- Plantgat twee keer zo breed als de kluit: zo kunnen de wortels makkelijk de losse grond in groeien.
- Kluit eerst natmaken: dompel een droge kluit onder in een emmer water tot er geen luchtbellen meer opkomen, zodat hij ook van binnen vochtig is.
- Water in de eerste weken: buiten twee keer per week flink bij droog weer, binnen pas als de bovenlaag droog is. Zo slaan de wortels aan zonder te verdrinken.
- Niet meteen bemesten: verse potgrond bevat al voeding voor zes tot acht weken, en extra mest kan jonge wortels verbranden.
- Niet te vaak verplaatsen: elke nieuwe plek betekent opnieuw wennen.
Veelgestelde vragen
Welke plant is het makkelijkst te houden?
Binnen is de Zamioculcas een van de makkelijkste, omdat hij water opslaat en ook met weinig licht toekan. Buiten zijn vaste planten zoals ooievaarsbek en vetkruid het minst veeleisend. Beide groepen verdragen een vergeten gietbeurt en hoeven zelden verpot of opnieuw geplant te worden.
Welke planten hebben bijna geen water nodig?
Planten met vlezig blad, dikke stammen of knollen hebben weinig water nodig. Voorbeelden binnen zijn Sansevieria, Zamioculcas en olifantspoot, die vaak genoeg hebben aan eens per drie tot vier weken. Buiten doen vetkruid en lavendel het goed op droge, zonnige plekken, zodra ze na het eerste jaar goed geworteld zijn.
Wat zijn goede planten voor beginners in de tuin?
Ooievaarsbek, salie, vetkruid, kattenkruid en siergrassen zijn goede starters. Ze zijn winterhard, komen elk jaar terug en vragen meestal één knipbeurt per jaar. Plant ze dicht bij elkaar, zodat de grond snel bedekt is en onkruid minder kans heeft. Geef in de eerste zomer bij droogte wekelijks flink water.
Wanneer kun je het beste planten?
Voor de tuin is het najaar, van september tot november, ideaal: de grond is warm en vochtig, zodat de wortels voor de winter aanslaan. Kamerplanten kun je het hele jaar kopen, maar verpotten doe je bij voorkeur in het voorjaar, wanneer de plant weer gaat groeien.
Wil je rustig beginnen met een soort die bij je past? Bekijk dan onze planten voor beginners. Je krijgt gratis verzending en levering binnen 1 tot 3 werkdagen, rechtstreeks vanuit de kas. Dankzij onze verpakking op maat komt je plant veilig en onbeschadigd aan.
Voor levende planten geldt ons retour- en garantiebeleid.
Meer inspiratie voor plantenverzorging? Volg Pureplant op Instagram voor praktische tips, planteninspiratie en handige weetjes.