Een varen verzorgen draait om drie dingen: grond die constant licht vochtig is, een hoge luchtvochtigheid en indirect licht. Krijgt je varen bruine puntjes, dan ligt dat bijna altijd aan te droge lucht en niet aan te weinig water. Vooral in de winter, als de verwarming aanstaat, zakt de luchtvochtigheid in huis flink. De plant verdampt dan sneller vocht dan hij via de wortels kan aanvoeren.
Hieronder lees je waar varens vandaan komen, hoe je water geeft zonder wortelrot te veroorzaken en met welke vier manieren je de luchtvochtigheid omhoog krijgt. Ook vind je een overzicht waarmee je bruine, gele of slappe bladeren aan een oorzaak koppelt, plus de wensen van de drie populairste soorten.
Waar komt een varen vandaan?
Varens zijn oude planten die in de natuur vooral op de bosbodem groeien, onder een dak van bomen. Daar krijgen ze nooit felle zon, maar wel gefilterd licht dat tussen de bladeren door valt.
Die bosbodem is bedekt met een laag bladafval die als spons werkt. De grond droogt er zelden helemaal uit, maar staat ook nooit onder water, omdat het regenwater wegzakt. Precies die middenweg wil je thuis nabootsen.
Bovendien hangt er onder zo'n bladerdak vrijwel altijd vochtige lucht, vaak 70 procent of meer. In een gemiddelde woonkamer is dat in de winter eerder 30 tot 40 procent. Dat verschil verklaart waarom een varen die in de zomer prima groeide, vanaf november ineens bruine randen krijgt.
Vertaald naar je huis betekent dit: een plek een tot twee meter van een raam op het oosten of noorden, uit de buurt van de verwarming, in een ruimte die wat vochtiger is dan de rest. De badkamer met een raam is daarom vaak de beste plek in huis.
Water geven zonder natte voeten
Het doel is grond die aanvoelt als een uitgeknepen spons: duidelijk vochtig, maar er loopt geen water uit. Zowel kurkdroog als kletsnat geeft problemen, en van die twee is kletsnat het gevaarlijkst.
Gebruik daarom de vingertest. Steek je vinger twee centimeter in de potgrond. Voelt die bovenlaag nog vochtig, dan wacht je. Voelt hij droog en koel, dan is het tijd om water te geven. In de zomer is dat vaak twee keer per week en in de winter één keer, maar kijk naar de grond en niet naar de kalender.
Giet water langzaam over de hele grond tot het onderuit de pot loopt. Laat de pot vijf tot tien minuten uitlekken en gooi daarna het water uit de schotel of sierpot weg. Blijft die schotel vol staan, dan lopen de luchtholtes in de grond vol water.
Wortels hebben zuurstof nodig om te kunnen werken. In een verzadigde grond krijgen ze die niet, waarna ze afsterven en wortelrot ontstaat. Je herkent dat aan slappe bladeren die niet opknappen na water geven, en aan een muffe geur uit de pot.
Is je varen helemaal uitgedroogd, zet de pot dan een kwartier in een emmer lauw water. Droge potgrond stoot water af, waardoor gewoon gieten er dwars langs loopt.
Weet je niet zeker welke plant bij jouw plek past?Doe de quiz en vind in 2 minuten jouw groene match.Hoe krijg je de luchtvochtigheid omhoog?
Dit is het punt waarop de meeste varens stuklopen. Streef naar 50 tot 60 procent; met een goedkope hygrometer zie je in één blik hoe je ervoor staat. Deze vier manieren werken, van licht naar grondig.
- Zet de pot op een schaal met kiezels en water. Zorg dat de pot op de kiezels staat en niet in het water. Het verdampende water verhoogt de vochtigheid direct rond de plant, precies waar het nodig is.
- Groepeer je planten. Planten geven via hun blad vocht af. Staan er vijf bij elkaar, dan houden ze samen een vochtiger microklimaat in stand dan elk apart. Zet de varen in het midden van zo'n groep.
- Kies de badkamer als standplaats. Door douchen ligt de luchtvochtigheid daar structureel hoger. Voorwaarde is wel een raam of lichtkoepel, want een varen redt het niet in een ruimte zonder daglicht.
- Gebruik een luchtbevochtiger. Dit is de enige methode die een hele kamer merkbaar vochtiger maakt. Zet hem op ongeveer twee meter afstand en maak het reservoir wekelijks schoon, zodat er geen bacteriën in gaan groeien.
Sproeien wordt vaak genoemd, maar het effect duurt een kwartier. Doe het als extraatje, het liefst 's ochtends met lauw water, zodat het blad voor de avond droog is. Nat blad dat de hele nacht koud blijft, is gevoeliger voor schimmel.
Licht en standplaats
Varens verdragen geen felle middagzon. Hun blad is dun en heeft geen dikke waslaag, waardoor direct zonlicht het weefsel letterlijk verbrandt. Je ziet dan bleke, papierachtige vlekken die niet meer herstellen.
Het beste raam is er een op het oosten: ochtendzon is zacht en de plant mag daar tot ongeveer een halve meter van het glas staan. Bij een raam op het noorden is het licht de hele dag indirect, dus daar kan de varen vlakbij.
Staat je varen bij een raam op het zuiden of westen, houd dan minstens twee meter afstand of hang een vitrage. Achter dun gordijn valt gefilterd licht binnen dat lijkt op het licht onder een bladerdak.
Te weinig licht is overigens ook een probleem. Dan maakt de plant lange, slappe stelen met weinig blad, omdat hij naar de lichtbron toe groeit. Meer dan drie meter van een raam wordt het voor de meeste soorten te donker.
Draai de pot elke twee weken een kwartslag, zodat alle kanten evenveel licht krijgen en de plant mooi rond blijft.
Bruine, gele of slappe bladeren duiden
Het blad vertelt je precies wat er misgaat, als je weet waar je op moet letten. Gebruik dit overzicht om symptoom, oorzaak en actie aan elkaar te koppelen.
| Symptoom | Waarschijnlijke oorzaak | Wat je doet |
|---|---|---|
| Bruine puntjes aan de bladranden | Te droge lucht | Luchtvochtigheid verhogen, plant weg van de verwarming zetten |
| Hele bladeren bruin en krokant | Grond te lang uitgedroogd | Kluit onderdompelen en daarna vaker controleren met de vingertest |
| Gele, slappe bladeren onderin | Te veel water, mogelijk wortelrot | Schotel legen, laten uitdrogen, bij muffe geur verpotten in verse grond |
| Bleke of doorschijnende vlekken | Direct zonlicht | Verplaatsen naar indirect licht of vitrage ophangen |
| Slappe stelen, weinig nieuw blad | Te weinig licht | Dichter bij een raam zetten, minstens indirect daglicht bieden |
| Plakkerig blad of kleine bultjes | Schildluis of wolluis | Handmatig verwijderen en wekelijks behandelen tot de plant schoon is |
Een enkel geel blad onderaan een groene plant is normaal: varens vernieuwen hun blad voortdurend. Knip zo'n blad gewoon weg.
Voeding, verpotten en snoeien
Bemest alleen in het groeiseizoen, van maart tot en met september. Gebruik een gewone vloeibare kamerplantenvoeding in halve dosering, ongeveer één keer per maand. Varens zijn van nature aangepast aan de arme bosbodem, dus een volle dosis geeft al snel verbrande wortelpunten.
In de winter groeit de plant nauwelijks. Voeding die dan niet wordt opgenomen, blijft als zout in de grond achter en trekt vocht uit de wortels. Stop daarom vanaf oktober met bemesten.
Verpot ongeveer om de twee jaar, het liefst in het voorjaar. Je weet dat het tijd is als er wortels uit de bodemgaten komen of als de kluit bij het uitnemen één dichte massa is. Kies een pot die twee tot drie centimeter breder is, want in een veel te grote pot blijft overtollige grond nat.
Meer over die stappen lees je in ons artikel over planten verpotten. Gebruik luchtige grond: gewone potgrond gemengd met een handvol kokosvezel of fijne schors. Die mengeling houdt vocht vast maar laat het overschot door, zodat er zuurstof bij de wortels blijft.
Snoeien is eenvoudig. Knip bruine of vergeelde bladeren helemaal bij de basis af, niet halverwege de steel. Zo blijft er geen stronkje staan dat kan gaan rotten, en steekt de plant zijn energie in nieuw blad.
Populaire varensoorten in huis
Niet elke varen vraagt precies hetzelfde. Deze drie kom je het vaakst tegen, en ze verschillen vooral in hoeveel vocht ze vragen.
De krulvaren (Nephrolepis exaltata), ook wel zwaardvaren genoemd, heeft veel fijn blad en verdampt daardoor het snelst. Hij is het meest gevoelig voor droge lucht en vraagt de meeste aandacht. Een prettige bijkomstigheid: volgens de giftigheidslijst van de ASPCA staat deze soort niet als giftig voor katten en honden vermeld. Eet je huisdier toch grote hoeveelheden blad, neem dan altijd contact op met je dierenarts.
Het nestvaren (Asplenium nidus) heeft brede, gladde bladeren die in een rozet groeien. Door dat stevigere blad verdraagt hij drogere lucht wat beter en is hij geschikter voor beginners. Giet wel naast het hart en niet erin, want stilstaand water in het midden laat de rozet rotten.
De hertshoornvaren (Platycerium bifurcatum) groeit in de natuur op boomstammen en niet in de grond. Hij wordt vaak op een houten plaat gekweekt en krijgt water door de kluit een kwartier onder te dompelen, ongeveer één keer per week. Poets zijn blad nooit af, want de viltige waas erop beschermt tegen uitdroging.
Zoek je een varen of een andere plant die van vochtige lucht houdt, kijk dan bij de planten voor de badkamer. Wil je breder kijken naar verzorging, dan helpt ons overzicht kamerplanten verzorgen je verder.
Veelgestelde vragen over varens verzorgen
Waarom krijgt mijn varen bruine puntjes?
In verreweg de meeste gevallen is de lucht te droog. De plant verdampt via zijn dunne blad meer vocht dan hij kan aanvoeren, waardoor de uiteinden het eerst afsterven. Zet de plant weg van de verwarming en verhoog de luchtvochtigheid met een kiezelschaal of een luchtbevochtiger. Bestaande bruine punten worden niet meer groen.
Hoe vaak moet je een varen water geven?
Meestal twee keer per week in de zomer en één keer per week in de winter, maar ga af op de grond en niet op een vast schema. Voelt de bovenste twee centimeter droog, dan geef je water. Voelt die nog vochtig, dan wacht je. Laat de pot altijd uitlekken.
Mag een varen in de badkamer staan?
Ja, dat is vaak de beste plek in huis, omdat de luchtvochtigheid er door douchen structureel hoger ligt. Voorwaarde is daglicht: zonder raam of lichtkoepel maakt de plant te weinig nieuw blad. Zet hem niet direct naast een radiator of tochtende deur.
Kun je een varen buiten zetten in de zomer?
Dat kan van eind mei tot begin september, mits je een plek in de volle schaduw kiest, bijvoorbeeld onder een boom of tegen een noordmuur. Buiten is de lucht vochtiger, wat de plant goed doet. Zet hem terug zodra het 's nachts onder de twaalf graden komt, en controleer het blad op insecten.
Een varen is geen moeilijke plant, maar wel een veeleisende als het om vocht gaat. Zorg voor grond die licht vochtig blijft, lucht van rond de 50 tot 60 procent en licht zonder directe zon. Loopt er toch iets mis, gebruik dan de tabel hierboven om het symptoom aan een oorzaak te koppelen, en verander één ding tegelijk zodat je ziet wat helpt.
Bekijk het assortiment kamerplanten en ontdek welke soorten passen bij het licht en de luchtvochtigheid in jouw huis.
Bij Pureplant komen je planten rechtstreeks vanuit de kas, verpakt op maat, met gratis verzending en levering binnen 1 tot 3 werkdagen.
Meer inspiratie voor plantenverzorging? Volg Pureplant op Instagram voor praktische tips, planteninspiratie en handige weetjes.