110 producten
Bloembollen voor een natuurlijke tuin zijn soorten die eruitzien alsof ze er vanzelf zijn gekomen. Denk aan kleine, eenvoudige bloemen, zachte kleuren en planten die zich na een paar jaar zelf verspreiden. Het geheim zit in twee keuzes: kies botanische soorten of cultivars die dicht bij de wilde vorm staan, en plant ze in losse, onregelmatige groepen in plaats van in strakke rijen. Zo krijg je een tuin die elk voorjaar wat voller en wilder wordt, zonder dat het rommelig oogt.
Wat maakt een bloembol geschikt voor een natuurlijke tuin?
In een natuurlijke tuin draait het om sfeer. De tuin mag ongedwongen voelen, alsof de natuur een handje heeft geholpen. Bollen die daarbij passen, hebben een paar kenmerken gemeen:
- Kleine of eenvoudige bloemen. Een wilde narcis of een sterhyacint valt minder op dan een grote hybride, maar oogt daardoor vanzelfsprekender.
- Ingetogen kleuren. Wit, lichtgeel, blauw en paars passen goed bij gras, mos en jong blad.
- Ze komen terug. Meerjarige soorten blijven jaren staan, zodat je niet elk jaar opnieuw plant.
- Ze breiden zich uit. Soorten die zich via zaad of broedbolletjes vermeerderen, vullen na een paar jaar vanzelf de open plekken.
Welke bloembollen voor een natuurlijke tuin zitten in deze collectie?
We hebben het assortiment ingedeeld naar de rol die een bol in een natuurlijke tuin speelt.
Botanische soorten
Botanische bollen zijn soorten die weinig of niet zijn doorgekweekt. Ze zijn meestal kleiner dan tuinhybriden en hebben hun wilde uitstraling behouden. In deze collectie gaat het onder meer om de bostulp (Tulipa sylvestris) met gele, licht knikkende bloemen, de kievitsbloem (Fritillaria meleagris) met zijn geblokte klokjes, de krokussoortenmix en de botanische narcissenmix in geel en wit. Ook de witte fazantoog (Narcissus poeticus var. recurvus) en de engelennarcis 'Thalia' hebben die eenvoudige, sierlijke vorm.
Stinzenplanten
Stinzenplanten zijn volgens de Vlinderstichting knol-, bol- en wortelstokgewassen die vroeg in het voorjaar bloeien. De naam komt van de stinzen, de versterkte stenen huizen in Friesland waar deze planten van oudsher groeiden. In deze collectie horen daar onder meer bij: het sneeuwklokje (Galanthus elwesii), de winterakoniet (Eranthis cilicica), de krokus, de Griekse anemoon (Anemone blanda), de holwortel (Corydalis solida 'Beth Evans'), de blauwe sterhyacint (Scilla siberica) en het blauwe druifje (Muscari).
Hogere accenten voor de late lente
Wil je na april ook nog iets in bloei, dan passen de prairielelie (Camassia leichtlinii), het zomerklokje (Leucojum aestivum) en de wilde hyacint (Hyacinthoides non-scripta) goed in een natuurlijke beplanting. Ook alliums zoals Allium siculum, met hangende klokjes, geven structuur zonder te overheersen.
Hoe plant je bollen zodat het er natuurlijk uitziet?
De manier van planten bepaalt voor een groot deel of het resultaat natuurlijk oogt. In de natuur staan planten nooit in rijen of gelijke afstanden.
- Strooi de bollen uit. Gooi een handvol bollen losjes over de plek en plant ze waar ze neerkomen. Zo krijg je vanzelf dichte en open plekken, net als in de natuur.
- Maak wolken in plaats van vlakken. Plant in het midden van een groep dichter en laat de randen uitlopen met losse bollen. Zo gaat de groep geleidelijk over in de rest van de tuin.
- Beperk je per plek tot een paar soorten. In de natuur zie je meestal één of twee soorten die een plek domineren, met hier en daar een andere ertussen. Kies bijvoorbeeld sneeuwklokjes als basis en strooi er wat winterakoniet doorheen. Zo blijft het beeld rustig en herkenbaar, ook als de groepen groter worden.
- Herhaal soorten op meerdere plekken. Een paar groepjes van dezelfde soort, verspreid door de tuin, geven rust en samenhang.
- Combineer met vaste planten en grassen. Het jonge blad van vaste planten en siergrassen verbergt later het afstervende bollenblad. Kijk voor geschikte partners bij de siergrassen en de vaste tuinplanten.
De RHS (Royal Horticultural Society) adviseert dezelfde aanpak voor bollen in gras: strooi de bollen willekeurig uit en plant ze op ongeveer drie keer hun eigen hoogte diep. De RHS noemt onder meer narcissen, krokussen, sneeuwklokjes, anemonen en scilla's als geschikte soorten om te laten verwilderen.
Waar zet je bollen in een natuurlijke tuin?
Een natuurlijke tuin heeft vaak verschillende sferen: een zonnige rand, een schaduwrijk stuk onder bomen, misschien een vochtige hoek. Veel bollen in deze collectie passen bij een van die plekken.
Onder bomen en struiken. Sneeuwklokjes, winterakoniet, holwortel, anemonen en wilde hyacinten bloeien voordat de bomen blad krijgen. Zo vangen ze nog genoeg licht om te bloeien en hun bol te vullen. Meer soorten voor die plek vind je bij de bloembollen onder bomen.
In een zonnige rand. Stinzenplanten doen het volgens de Vlinderstichting goed op een zonnige standplaats. Krokussen en bostulpen openen hun bloemen pas echt in de zon.
Op een vochtige plek. Kievitsbloem, zomerklokje en prairielelie verdragen grond die niet snel uitdroogt. Zo benut je ook een deel van de tuin waar veel andere bollen zouden gaan rotten.
Wat zijn de beperkingen?
Een natuurlijke tuin vraagt geduld. Botanische bollen en stinzenplanten zijn klein en vallen het eerste jaar weinig op. Het echte effect ontstaat pas als ze zich na een aantal jaren hebben uitgebreid. Wil je direct een vol beeld, plant dan ruim.
Ook moet je het blad laten staan tot het vergeelt. De bol heeft het blad nodig om energie op te slaan, zodat hij volgend jaar weer bloeit. Dat betekent dat een deel van de tuin in mei en juni wat slordig oogt. In een natuurlijke tuin past dat meestal prima, maar het is goed om te weten.
Tot slot zitten er in deze collectie ook enkele gevulde narcissen, zoals 'Ice King', 'Golden Ducat' en 'Replete'. Ze zijn meerjarig en passen in een landelijke sfeer, maar met hun volle bloemen ogen ze minder wild en hebben insecten er minder aan. Wil je vooral bijen helpen, kies dan voor enkele bloemen uit de bijvriendelijke bloembollen.
Veelgestelde vragen over bloembollen voor een natuurlijke tuin
Wat zijn stinzenplanten?
Stinzenplanten zijn vroegbloeiende bol-, knol- en wortelstokgewassen die van oudsher rond de Friese stinzen groeiden, de versterkte stenen huizen waar ze hun naam aan danken. Bekende voorbeelden zijn sneeuwklokje, winterakoniet, krokus en anemoon.
Wat is het verschil tussen botanische en gewone bloembollen?
Botanische bollen staan dicht bij de wilde soort. Ze zijn meestal kleiner, bloeien eenvoudiger en komen vaak jarenlang terug. Gewone tuinbollen zijn doorgekweekt op grote bloemen of bijzondere kleuren en worden bij sommige soorten, zoals grote tulpen, na een paar jaar minder.
Hoe lang duurt het voordat bollen verwilderen?
Dat verschilt per soort en per plek. Krokussen en sterhyacinten breiden zich vaak binnen een paar jaar zichtbaar uit. Sneeuwklokjes en winterakoniet hebben meer tijd nodig. Meer soorten die zich goed uitbreiden, vind je bij de bloembollen die verwilderen.
Wanneer plant je bollen voor een natuurlijke tuin?
Alle bollen in deze collectie plant je in de herfst, van september tot in december zolang de grond niet bevroren is. Algemene plantinstructies lees je bij de bloembollen.
Kies de soorten die bij de sfeer van jouw tuin passen en plant ze dit najaar, dan ontstaat er elk voorjaar een iets wildere, rijkere tuin. Je bestelling wordt met gratis verzending binnen 1 tot 3 werkdagen bezorgd, rechtstreeks vanuit de kas en in een verpakking op maat, zodat je bollen goed beschermd aankomen. Omdat het om levende producten gaat, kun je ze niet retourneren. Is er bij aankomst iets beschadigd? Meld het dan binnen 48 uur via info@pureplant.nl met je bestelnummer en foto's, zodat Pureplant een passende oplossing voor je zoekt.