Welke klimplanten bij jou passen, hangt af van vier dingen: de plek, hoe snel de plant moet groeien, of hij in de winter groen moet blijven en welke ondersteuning je kunt bieden. Zelfhechtende klimmers, zoals klimop, houden zich met hechtwortels of zuignapjes zelf vast aan muur of hout. De meeste andere soorten slingeren, ranken of leunen en hebben een rek, draden of pergola nodig. Zo voorkom je dat een nieuwe klimplant na een seizoen slap langs de schutting hangt.
Wat bepaalt welke klimplant bij jouw plek past?
Loop deze punten langs, zodat de plant over vijf jaar nog steeds bij de plek past.
- Zon of schaduw: tel hoeveel uur direct licht de plek krijgt. Bloeiende klimmers hebben meestal zon nodig, bladklimmers redden zich vaak met minder.
- Volwassen formaat: de verschillen zijn groot. Een sterjasmijn groeit relatief langzaam en haalt na jaren zo'n 4 meter, terwijl een blauwe regen tegen een muur wel 20 meter breed kan worden.
- Groeisnelheid: snel groen klinkt aantrekkelijk, maar betekent ook vaker snoeien.
- Winterhardheid: overleeft de plant de vorst op jouw plek, en wil je ook in de winter blad zien?
- Ondersteuning: zelfhechters hebben genoeg aan een stevige ondergrond, de rest heeft een constructie nodig.
Plaats rek of draden volgens de RHS-uitleg over het planten van een klimplant al vóór het planten. Zet de plant bij een muur 30 tot 60 centimeter uit de voet. Direct tegen de muur is de grond vaak droger, omdat de muur regen tegenhoudt.
Welke klimplanten zijn geschikt voor de tuin?
Deze tabel helpt je om soorten te vergelijken op klimwijze, winterbeeld en de plek waar ze het mooist zijn.
| Klimplant | Klimt door | In de winter | Komt het best tot zijn recht |
|---|---|---|---|
| Klimop (Hedera helix) | hechtwortels | groen | muur of schaduwrijke hoek |
| Wilde wingerd (Parthenocissus tricuspidata) | zuignapjes | kaal, rode herfstkleur | grote, stevige gevel |
| Bosrank (Clematis) | bladstelen die om draad krullen | meestal kaal | rek, obelisk of door een struik |
| Wilde kamperfoelie (Lonicera periclymenum) | slingerende stengels | kaal | hek of pergola bij het terras |
| Blauwe regen (Wisteria) | slingerende, zware stammen | kaal | zeer stevige pergola in de zon |
| Sterjasmijn (Trachelospermum jasminoides) | slingerende stengels | groen | beschutte, zonnige muur |
| Klimroos (Rosa) | lange takken die je aanbindt | kaal | zonnige muur of rozenboog |
Bosranken zijn er in veel kleuren en bloeitijden, van groeikrachtig tot compact genoeg voor een obelisk. Bekijk de clematis voor een overzicht. Kamperfoelie heeft geurige bloemen en past daardoor mooi bij een zitplek. Blauwe regen geeft in het voorjaar lange bloemtrossen, maar niet meteen: een geënte plant begint volgens de RHS meestal binnen drie tot vier jaar na het planten te bloeien. Wil je naast bloei ook oogsten, dan is de druif een klimmer met ranken voor een zonnige pergola; zie Vitis vinifera.
Welke klimplant past bij een schutting, muur of pergola?
Schutting
Een houten schutting is meestal zo'n 1,8 meter hoog. Kies daarom een soort die niet ver boven de rand uitgroeit, of die je jaarlijks makkelijk terugsnoeit. Slingerende en rankende soorten hebben gaas of gespannen draden nodig. Wees voorzichtig met klimop op hout: volgens de RHS kunnen stengels die tussen planken of panelen groeien bij het dikker worden delen van de schutting uit elkaar duwen.
Muur
Een gezonde gemetselde muur is de plek voor zelfhechters. De RHS schrijft in de uitleg over klimop op gebouwen dat hechtwortels niet in gaaf metselwerk kunnen dringen en dat schade vaak pas ontstaat als je de plant met kracht verwijdert. Bestaande scheuren en losse voegen kunnen wel verder openwerken, en ook dakgoten raken snel begroeid. Laat voegen dus eerst nakijken. Voor andere klimmers monteer je draden of een rek op afstandhouders, zodat er lucht tussen plant en muur blijft.
Pergola
Een pergola draagt het meeste gewicht. Blauwe regen en een oude klimroos worden na jaren zwaar, dus gebruik stevige palen die goed verankerd zijn. Een bladverliezende klimmer geeft in de zomer schaduw op het terras en laat in de winter licht door.
Snelgroeiende klimplanten voor snel resultaat
Wil je een kale schuur binnen een paar seizoenen bedekt zien, dan is een snelle groeier verleidelijk. De bekendste is de bruidssluier (Fallopia baldschuanica). In de plantbeschrijving van de RHS staat een hoogte van 8 tot 12 meter, met de waarschuwing dat hij zeer groeikrachtig is en lastig kan worden. Ook een vroegbloeiende bosrank als Clematis montana bedekt vlot een flink oppervlak.
Snelle groei heeft een keerzijde:
- Je snoeit vaker, anders groeit de plant over dakgoten, daken en de tuin van de buren.
- Het gewicht neemt snel toe, dus de constructie moet stevig genoeg zijn.
- Jonge scheuten schieten alle kanten op en moeten in het begin regelmatig worden geleid.
Heb je weinig ruimte, dan blijft een gematigde groeier beter binnen de perken.
Winterharde en groenblijvende klimplanten
Winterhard en wintergroen worden vaak door elkaar gehaald. Winterhard betekent dat de plant vorst overleeft. Wintergroen, of groenblijvend, betekent dat hij zijn blad houdt. Een plant kan het een zijn zonder het ander.
- Winterhard, maar kaal: wilde wingerd, blauwe regen en de bruidssluier verdragen flinke vorst. De RHS geeft de bruidssluier zelfs de hoogste hardheidsklasse, H7. In de winter zie je alleen de takken.
- Groen, maar minder winterhard: de sterjasmijn houdt zijn glanzende blad. De RHS-teeltgids voor sterjasmijn adviseert in koude of vorstgevoelige plekken wel winterbescherming en een plek uit koude, uitdrogende wind.
- Groen en winterhard: klimop is de bekendste keuze voor wie ook in de winter een groen scherm wil. Ook de groenblijvende Clematis armandii, die in het vroege voorjaar geurig bloeit, en de (half)groenblijvende Lonicera henryi zijn opties voor een beschutte plek.
Ook groenblijvende planten verliezen geleidelijk oud blad. Voor een wintergroene muur kies je uit de hedera.
Welke klimplanten groeien in de schaduw?
Schaduw is niet overal even donker. Het helpt om te bepalen welke soort schaduw je hebt:
- Halfschaduw: een paar uur zon in de ochtend of avond. Kamperfoelie, veel bosranken en wilde wingerd kunnen hier goed groeien, al bloeien bloeiers minder dan in de zon.
- Lichte schaduw: gefilterd licht onder bomen. Klimop voelt zich hier thuis.
- Diepe schaduw: een muur op het noorden zonder direct zonlicht. Kies hier een bladklimmer zoals klimop of een klimhortensia, die op zo'n muur zijn witte schermbloemen laat zien.
Voor bosranken geldt het oude advies: de kop in de zon, de voet in de schaduw. Leg een tegel of zet lage planten op de wortels, zodat de grond koel en vochtig blijft.
Hoe ondersteun en verzorg je een klimplant?
- Klimrek en draden: laat ruimte tussen rek en muur. De RHS raadt in de uitleg over het aanbinden van klimplanten af om houtige stengels tussen steun en muur te laten groeien, omdat ze daar klem komen te zitten en lucht slecht circuleert.
- Bindmateriaal: gebruik zacht touw van jute, hennep of katoen, en voor zware stengels stroken stof. Metaaldraad snijdt in als de stengel dikker wordt.
- Jonge scheuten: bind de eerste scheut zo'n 20 centimeter boven de grond aan en slappe stengels daarna om de 30 centimeter. Een bosrank kan in voorjaar en vroege zomer wekelijks aandacht nodig hebben.
- Water: geef het eerste groeiseizoen regelmatig water, vooral bij warm, droog of winderig weer, zodat de wortels zich goed vestigen.
- Voeding: werk in het voorjaar compost of organische mest rond de voet in als voeding voor nieuwe groei.
- Snoei: dat verschilt per soort. Blauwe regen snoei je bijvoorbeeld twee keer per jaar, in juli of augustus en in februari. Bij bosranken staat de snoeigroep meestal op het etiket.
Veelgestelde vragen over klimplanten
Welke klimplanten hebben ondersteuning nodig?
Alle soorten die niet zelf hechten. Slingerplanten zoals kamperfoelie draaien zich om verticale palen of draden. Rankers zoals de druif grijpen zich vast aan dun gaas of draad. Klimrozen en bramen leunen alleen, die moet je steeds aanbinden. Kijk dus naar de klimwijze voordat je een rek kiest: een dikke paal is voor een ranker te breed.
Welke klimplant groeit het snelst?
Naast de bruidssluier is hop (Humulus lupulus) een snelle keuze. Hop sterft elke winter bovengronds af en groeit in het voorjaar opnieuw uit, tot enkele meters in één seizoen. Dat maakt hem geschikt voor een zomerscherm, maar in de winter heb je op die plek geen groen.
Welke klimplanten zijn geschikt voor een pergola?
Kies een soort die van bovenaf mooi is. Blauwe regen laat zijn trossen door de balken naar beneden hangen, kamperfoelie geurt boven een zitplek en een klimroos geeft kleur op ooghoogte. Een zware klimmer vraagt wel een constructie die daarop berekend is. Voor een lichte pergola past een bosrank beter.
Welke klimplanten zijn winterhard?
Klimop, wilde wingerd, blauwe regen, kamperfoelie en de meeste bosranken overleven een Nederlandse winter in de volle grond. Staat een klimplant in een pot, dan bevriest de kluit sneller, dus schuif hem bij strenge vorst tegen het huis en wikkel de pot in. Jonge planten zijn gevoeliger dan gevestigde exemplaren.
Bekijk de klimplanten op deze pagina, of vul je schutting of pergola aan met onze tuinplanten. Zoek je groen voor in huis, lees dan ons blog over een klimplant voor binnen. Je planten worden rechtstreeks vanuit de kas verstuurd in een verpakking op maat, met gratis verzending en levering binnen 1 tot 3 werkdagen. Omdat planten levend zijn, kunnen ze niet retour. Merk je bij aankomst schade, bijvoorbeeld door het transport? Laat het binnen 48 uur weten via info@pureplant.nl met bestelnummer en foto's, dan zoekt Pureplant een passende oplossing.