Grote kamerplanten die makkelijk in onderhoud zijn
Wil je het effect van een grote plant, maar niet elke week met de gieter rondlopen? Dan kies je een soort die water kan opslaan en niet moeilijk doet over licht. Daar zit het onderhoudsgemak namelijk in. Zamioculcas, Sansevieria en Dracaena zijn daar sterk in. Is er eerder een plant bij je doodgegaan, dan lag dat vaak aan te veel zorg in plaats van te weinig. Met de soorten hieronder ben je voor het meeste onderhoud zo'n tien minuten per maand kwijt.
Wat een grote plant onderhoudsvriendelijk maakt
Een plant is makkelijk als hij een gemiste waterbeurt kan opvangen. Dat lukt vooral soorten die water in hun eigen weefsel opslaan, net als een spons.
- Dikke wortels of wortelstokken. De Zamioculcas heeft onder de grond vlezige wortelstokken die water vasthouden. Volgens NC State Extension maken die wortelstokken en de glanzende bladeren de plant zeer goed bestand tegen droogte.
- Een dikke stam. De olifantspoot heeft een opgezwollen stamvoet waarin hij water bewaart. Zo overbrugt hij weken zonder water.
- Stevig, leerachtig blad. Dik blad met een wasachtig laagje verdampt minder water. Dat zie je bij de Sansevieria en de rubberplant.
Het tweede kenmerk is lichttolerantie. Een plant die zowel een lichte als een wat donkerdere plek aankan, vergeeft je als je hem niet op de ideale plek zet. Die combinatie van waterbuffer en lichttolerantie maakt het verschil tussen een plant die je in de gaten moet houden en een plant die gewoon doorgroeit.
Acht makkelijke grote soorten
De watergift is een richtwaarde voor de zomer. In de winter heb je vaak de helft nodig. De hoogtes gelden voor planten binnenshuis.
- Zamioculcas zamiifolia (ZZ-plant). Water: ongeveer 1 keer per maand. Licht: van halfschaduw tot fel indirect licht. Hoogte: 60 tot 120 cm, groeit langzaam.
- Sansevieria (vrouwentong). Water: 1 keer per 3 tot 4 weken. Licht: van schaduw tot zon. Hoogte: tot ongeveer 1,2 meter.
- Dracaena fragrans (drakenboom). Water: 2 keer per maand. Licht: halfschaduw. Hoogte: 1,5 tot 2 meter.
- Dracaena marginata (drakenboom met smal blad). Water: 2 keer per maand. Licht: licht, zonder felle middagzon. Hoogte: tot 2 meter.
- Yucca elephantipes (reuzenyucca). Water: 2 keer per maand. Licht: veel licht, mag in de zon. Hoogte: 2 meter of hoger.
- Beaucarnea recurvata (olifantspoot). Water: 1 keer per 3 tot 4 weken. Licht: zonnig. Hoogte: tot 1,5 meter, groeit traag.
- Ficus elastica (rubberplant). Water: 2 tot 3 keer per maand. Licht: licht tot halfschaduw. Hoogte: 2 meter of hoger.
- Schefflera arboricola (vingersboom). Water: 2 tot 3 keer per maand. Licht: licht tot halfschaduw. Hoogte: tot ongeveer 2 meter.
Deze en meer soorten vind je in onze collectie makkelijke planten voor binnen. Je plant komt rechtstreeks vanuit de kas, in een verpakking op maat. De verzending is gratis en je plant wordt binnen 1 tot 3 werkdagen geleverd.
Weet je niet zeker welke plant bij jouw plek past?Doe de quiz en vind in 2 minuten jouw groene match.Je onderhoudsschema in tien minuten per maand
Zet één vast moment in je agenda, bijvoorbeeld de eerste zondag van de maand. Dan doe je drie dingen.
- Vochtcheck (2 minuten). Controleer of de grond droog genoeg is voor een waterbeurt. Hoe je dat doet zonder te gokken, lees je hieronder. Bij de sterkste soorten is dit vaak de enige waterbeurt van de maand.
- Draaien (1 minuut). Draai de pot een kwartslag. Een plant groeit naar het licht toe. Door hem te draaien groeit hij rechter en voller, in plaats van scheef naar het raam.
- Blad afnemen (5 minuten). Veeg het stof van de bladeren met een vochtige doek. Grote bladeren vangen veel stof, en een laagje stof houdt licht tegen. Zo kan de plant beter groeien.
Kijk tijdens het afnemen meteen even naar de onderkant van het blad. Zie je witte pluisjes of kleverige plekken, dan ben je er vroeg bij.
Water geven zonder gokken
Bij grote potten is het lastig te zien of de plant water nodig heeft. De bovenkant kan droog zijn terwijl het onderin nog nat is. Met deze drie manieren weet je het zeker.
De vingertest. Steek je vinger zo diep mogelijk in de grond, minstens tot je tweede kootje. Voelt het daar nog koel en vochtig, wacht dan. Bij Zamioculcas, Sansevieria en olifantspoot mag de grond zelfs helemaal droog zijn.
Het gewicht van de pot. Til de pot kort op of kantel hem een stukje, direct na een waterbeurt. Onthoud hoe zwaar hij voelt. Een pot met droge grond is merkbaar lichter. Bij kleinere grote planten werkt dit verrassend goed.
Een vochtmeter. Bij hele grote potten kom je met je vinger niet diep genoeg. Een vochtmeter met een lange pin meet wel in de onderste helft van de pot, waar de meeste wortels zitten. Dat voorkomt dat je water geeft terwijl het onderin nog nat is.
Meer soorten die met weinig water toekunnen, vind je in ons blog over kamerplanten die weinig water nodig hebben.
Wat je juist niet moet doen
Te vaak water geven. Dit is de valkuil bij makkelijke planten. Juist de soorten die water opslaan, kunnen slecht tegen natte voeten. De wortels krijgen geen lucht en gaan rotten. Gevolg: gele, slappe bladeren en een stam die zacht wordt aan de voet.
Te veel bemesten. Een langzame groeier gebruikt weinig voeding. Wat hij niet gebruikt, blijft als zout in de grond achter. Gevolg: bruine bladpunten en soms een witte korst op de grond.
Te vaak verplaatsen. Elke nieuwe plek betekent ander licht, en daar moet een plant aan wennen. Vooral de rubberplant en andere Ficus-soorten reageren daarop door blad te laten vallen. Kies één goede plek en laat de plant daar staan.
Twee weken op vakantie
Goed nieuws: de meeste soorten uit dit lijstje redden twee weken zonder jou.
- Geen actie nodig: Zamioculcas, Sansevieria, olifantspoot en Yucca. Geef ze gewoon op het normale moment water. Een extra beurt vlak voor vertrek is juist niet nodig.
- Kleine voorbereiding: Dracaena, rubberplant en vingersboom. Geef ze een dag voor vertrek goed water en zet ze een stukje verder van het raam. Met minder licht verdampen ze minder, zodat het water langer meegaat.
Staat er een plant in de volle zon, schuif dan het gordijn of de vitrage dicht. Ook dat remt de verdamping.
Veelgestelde vragen
Welke grote kamerplant heeft het minste onderhoud nodig?
De Zamioculcas is een van de makkelijkste. Hij slaat water op in zijn wortelstokken, kan tegen weinig licht en groeit langzaam, zodat je zelden hoeft te verpotten. De Sansevieria en de olifantspoot komen daar dicht bij. Bekijk onze Zamioculcas-collectie voor de verschillende maten.
Hoe vaak moet je een makkelijke grote plant water geven?
Dat verschilt per soort. De sterkste soorten, zoals Zamioculcas en Sansevieria, hebben in de zomer genoeg aan één keer per drie tot vier weken. Dracaena en Ficus willen iets vaker. Voel altijd eerst of de grond diep in de pot droog is, dan zit je nooit ver mis.
Moet je onderhoudsvriendelijke planten bemesten?
Een beetje. Geef van april tot september ongeveer eens per maand kamerplantenvoeding, in de helft van de dosering op de verpakking. In de winter sla je het over. Deze planten groeien langzaam, dus meer voeding maakt ze niet sneller groot.
Overleven grote kamerplanten een vakantie van drie weken?
Zamioculcas, Sansevieria en olifantspoot redden dat meestal prima, zeker buiten de zomer. Voor Dracaena, Ficus en Schefflera is drie weken in de zomer lang. Zet ze uit de zon, geef vlak voor vertrek goed water en gebruik eventueel een waterreservoir of vraag de buren om één keer water te geven.
Jouw makkelijke grote plant
Met een soort die water buffert en niet moeilijk doet over licht heb je een volle, groene hoek zonder dat het veel tijd kost. Is er bij levering toch iets niet in orde, dan lees je in ons retour- en garantiebeleid hoe we je verder helpen. Bekijk ons assortiment en ontdek welke makkelijke grote plant bij jouw huis past.
Meer inspiratie voor plantenverzorging? Volg Pureplant op Instagram voor praktische tips, planteninspiratie en handige weetjes.