Hang vetplanten binnen: soorten die mooi afhangen
Wil je een plantenhanger of hoge plank vullen met iets dat naar beneden groeit? De bekendste hang vetplanten voor binnen zijn de erwtenplant (Senecio rowleyanus), de ezelsstaart (Sedum morganianum), de hartjesplant (Ceropegia woodii) en Rhipsalis. Ze vormen lange slierten met kleine, waterbergende blaadjes of stengels.
Voor alle vier geldt hetzelfde uitgangspunt: veel licht en heel weinig water. Juist in een hangpot, hoog in de kamer, is dat lastiger te regelen dan je denkt. Hieronder lees je hoe je dat aanpakt, zodat de slierten elk jaar langer worden.
Wat maakt hangende vetplanten anders?
Een gewone vetplant staat stevig in de pot. Bij een hangende soort hangt het grootste deel van de plant los in de lucht, aan dunne stengels. Die slierten zijn kwetsbaar. De blaadjes van een ezelsstaart laten bij de minste aanraking los, en een erwtenplant knakt makkelijk als je er met een gieter tegenaan stoot.
Daarnaast bepaalt licht van boven hoe de plant groeit. Zijn de bladeren bovenin de pot goed belicht, dan blijft de plant vol aan de bovenkant en groeien de slierten dicht bezet naar beneden. Valt er weinig licht op de bovenkant, dan wordt die kaal, terwijl alleen de uiteinden nog groeien. Een hangende vetplant hang je dus niet zomaar ergens op, maar op een plek waar het licht ook de bovenkant van de pot bereikt.
Wat zijn de bekendste soorten?
Erwtenplant (Senecio rowleyanus). Ook wel parelketting genoemd. Kleine, ronde blaadjes als erwtjes aan dunne draadjes. De slierten worden 60 tot 90 centimeter lang en groeien in voorjaar en zomer vrij snel. Hij is botanisch ook bekend als Curio rowleyanus.
Ezelsstaart (Sedum morganianum). Dikke, blauwgroene staarten vol dicht opeengepakte, vlezige blaadjes. Slierten van 30 tot 60 centimeter. Groeit traag, maar wordt met de jaren een indrukwekkende plant.
Hartjesplant (Ceropegia woodii). Hartvormige, grijsgroen gemarmerde blaadjes aan heel dunne, paarsige draden. Geen klassieke vetplant, maar hij slaat water op in knolletjes en blaadjes. Slierten van meer dan een meter zijn geen uitzondering, en hij groeit snel.
Rhipsalis (Rhipsalis baccifera). Een hangende cactus zonder stekels, met dunne groene stengels. Van de vier verdraagt hij het minste licht en wil hij iets meer water, omdat hij uit vochtige bossen komt. Slierten van 60 tot 100 centimeter.
Meer vetplanten die graag hangen vind je in ons artikel over vet hangplanten.
Weet je niet zeker welke plant bij jouw plek past?Doe de quiz en vind in 2 minuten jouw groene match.Hoe krijgt een hangende vetplant genoeg licht op hoogte?
De intensiteit van licht neemt snel af naarmate je verder van het raam komt. Midden in de kamer, aan een plafondhaak, krijgt een plant vaak maar een fractie van het licht dat hij vlak bij het glas zou hebben. Voor een vetplant die gewend is aan zon is dat te weinig.
Een plank vlak naast het raam of een plantenhanger direct voor het raam werkt veel beter. Een oost- of westraam is ideaal voor de erwtenplant, ezelsstaart en hartjesplant, omdat die een paar uur zachte zon krijgen. Rhipsalis past ook bij een noordraam. Hartje zomer kan felle middagzon achter een zuidraam de blaadjes verbranden, dus daar hang je de plant iets terug.
Rekstand herken je aan drie dingen: grotere afstanden tussen de blaadjes, een bleke, lichtgroene kleur en slierten die dunner worden naar het uiteinde toe. Zie je dat, hang de plant dan lichter.
Hoe geef je water in een hangpot?
Een hangpot droogt sneller uit dan een pot op de vloer. Warme lucht stijgt op, zodat het bij het plafond een paar graden warmer is, en de pot hangt vrij in de luchtstroom. Toch blijft te veel water het grootste risico, omdat vetplanten daar slecht tegen kunnen.
Giet alleen als de grond helemaal droog is. Bij een erwtenplant zie je dat ook aan de blaadjes: ze worden iets platter of krijgen fijne rimpels. Een ezelsstaart laat zijn blaadjes er dan wat minder strak uitzien.
Giet met een gieter met een lange, smalle tuit. Zo kom je tussen de slierten door bij de grond, zonder de blaadjes nat te maken of de draden te raken. Makkelijker is de pot van de haak te halen, water te geven boven de gootsteen en hem pas terug te hangen als er niets meer uit het gat druppelt. Zo voorkom je water op de vloer en blijft er geen water in de binnenpot staan.
Overzicht: welke hangende vetplant past bij jou?
| Soort | Slierlengte | Lichtbehoefte | Water (zomer) | Moeilijkheid |
|---|---|---|---|---|
| Erwtenplant | 60 tot 90 cm | Veel licht, zachte zon | Eens per 10 tot 14 dagen | Gemiddeld |
| Ezelsstaart | 30 tot 60 cm | Veel licht, zon | Eens per 2 weken | Gemiddeld, breekbaar |
| Hartjesplant | 100 cm of meer | Licht, zachte zon | Eens per 7 tot 10 dagen | Makkelijk |
| Rhipsalis | 60 tot 100 cm | Licht, geen felle zon | Eens per week | Makkelijk |
In de winter halveer je de watergift ongeveer, omdat de planten dan nauwelijks groeien. Let op: de erwtenplant staat op de ASPCA-lijst als giftig voor katten en honden, onder de naam String of Pearls. Hang hem dus buiten bereik als je huisdieren hebt, en neem bij twijfel contact op met je dierenarts.
Hoe vermeerder je uit afgebroken slierten?
Afgebroken slierten zijn geen verlies. Ze wortelen makkelijk, zodat je er de pot mee kunt aanvullen of nieuwe planten mee maakt.
- Verzamel de stekjes. Neem stukken van 8 tot 10 centimeter. Bij de ezelsstaart kun je ook losse blaadjes gebruiken.
- Laat ze drogen. Leg ze twee tot drie dagen op een droge plek uit de zon, zodat de breukvlakken indrogen en niet gaan rotten.
- Leg ze op de grond. Leg slierten van erwtenplant of hartjesplant plat op vochtige vetplantengrond, met een paar knopen tegen de grond gedrukt. Losse blaadjes van ezelsstaart leg je bovenop de grond.
- Wacht met gieten. Geef pas na ongeveer tien dagen voorzichtig water. Tot die tijd halen de stekjes vocht uit hun eigen blad, en natte grond zou de breukvlakken laten rotten.
- Controleer na enkele weken. Voel je weerstand bij zachtjes trekken, dan hebben ze wortels.
De RHS legt het stekken met bladeren uitgebreid uit, ook voor vetplanten.
Veelgestelde vragen
Welke hangende vetplant is het makkelijkst?
De hartjesplant is voor de meeste mensen de makkelijkste. Hij groeit snel, verdraagt wat minder licht dan de erwtenplant en vergeeft een keer te veel of te weinig water. De Rhipsalis is een goede tweede keuze voor een iets donkerdere plek. De ezelsstaart vraagt meer geduld, omdat hij langzaam groeit en snel blaadjes verliest.
Hoe lang worden de slierten van een erwtenplant?
Binnen worden de slierten meestal 60 tot 90 centimeter lang, soms langer. Ze groeien vooral in voorjaar en zomer, als de plant veel licht krijgt. Worden ze te lang of kaal, knip ze dan in en gebruik de stukken als stek bovenin de pot. Zo blijft de plant vol.
Hoe vaak geef je een hangende vetplant water?
In de zomer meestal eens per één tot twee weken, afhankelijk van de soort en de plek. In de winter halveer je dat. Giet pas als de grond helemaal droog is, want vetplanten slaan water op in hun blad. Rimpelige of plattere blaadjes zijn het teken dat de plant water wil. Gebruik altijd een pot met gat.
Waarom vallen de blaadjes van mijn ezelsstaart af?
Meestal door aanraking. De blaadjes zitten los aan de stengel en vallen af als je de plant verplaatst of ertegenaan stoot. Vallen ze ook zonder aanraking af en zijn ze zacht en glazig, dan krijgt de plant te veel water. Verschrompelde blaadjes wijzen juist op te weinig water.
Wil je zelf een hangende vetplant in huis halen? Bekijk dan onze collectie hangplanten voor binnen of kijk tussen de vetplanten voor binnen. Je bestelt met gratis verzending en levering binnen 1 tot 3 werkdagen. De planten komen rechtstreeks vanuit de kas en in een verpakking op maat, zodat ze veilig en onbeschadigd aankomen.
Op levende planten is ons retour- en garantiebeleid van toepassing.
Meer inspiratie voor plantenverzorging? Volg Pureplant op Instagram voor praktische tips, planteninspiratie en handige weetjes.