Kleine plantjes buiten: lage soorten voor bak en border
Kleine plantjes buiten vullen de gaten die grote planten laten liggen: de rand van een bak, de voorkant van een border en de voegen tussen tegels. Veel lage soorten zijn winterhard in Nederland en komen elk voorjaar terug. Kies per plek een soort die past bij zon, grond en hoeveel er overheen gelopen wordt, dan groeit hij na een seizoen dicht zonder dat je er veel naar om hoeft te kijken.
Welke lage plantjes passen in potten en bakken?
In een pot telt vooral dat een plant compact blijft en lang bloeit, zodat hij het hele seizoen iets laat zien. Deze soorten doen dat goed:
- Muurfijnstraal (Erigeron karvinskianus): kleine madeliefjesachtige bloemetjes van mei tot in oktober. Hij verdraagt droogte redelijk, dus een dag vergeten water geven is geen ramp.
- Tuingeranium (Geranium 'Rozanne'): paarsblauwe bloemen van juni tot de eerste vorst. Hij wil gelijkmatig vochtige grond en groeit breed uit over de rand van een bak.
- Waaierbloem (Scaevola aemula): een eenjarige met waaiervormige bloemen die de hele zomer doorbloeit. Hij heeft in warme weken dagelijks water nodig, omdat hij veel bloemen tegelijk voedt.
- Zoete alyssum (Lobularia maritima): lage witte of paarse kussentjes met een honinggeur. Na een eerste bloeigolf knip je hem terug, dan komt er een tweede.
Combineer soorten met dezelfde waterbehoefte in één pot. Zet de droogteverdragende muurfijnstraal dus niet naast een dorstige waaierbloem, anders is de ene altijd te nat of de andere te droog. Meer ideeën vind je in de blog over kleine plantjes voor buiten.
Welke bodembedekkers passen in de border?
Bodembedekkers zijn lage planten die zich via uitlopers of wortels verspreiden en de grond dichtgroeien. Zo krijgt onkruid minder licht en ruimte om te kiemen. Het scheelt je veel wiedwerk, al duurt het meestal één tot twee seizoenen voordat de laag echt gesloten is.
- Ooievaarsbek (Geranium macrorrhizum): een van de sterkste bodembedekkers voor droge schaduw onder struiken. Het blad ruikt kruidig en blijft in zachte winters staan.
- Kruipend zenegroen (Ajuga reptans): vormt snel een tapijt met blauwe bloemaren in het voorjaar. Hij houdt van vochtige grond in halfschaduw.
- Kleine maagdenpalm (Vinca minor): groenblijvend en geschikt voor schaduw. Hij groeit in het begin rustig, maar vormt daarna een dichte laag.
- Vrouwenmantel (Alchemilla mollis): zachtgroen blad met gele schermpjes, voor zon en halfschaduw. Hij zaait zich uit, dus knip uitgebloeide bloemen weg als je dat niet wilt.
Een nadeel om te weten: sommige bodembedekkers groeien zo goed dat ze ook buren overwoekeren. Zenegroen en maagdenpalm moet je aan de rand van een border af en toe inperken. Een dichte laag lage planten is bovendien goed voor bodemleven en insecten, zoals Wageningen UR beschrijft in haar onderzoek naar biodiversiteit in tuin en plantsoen.
Weet je niet zeker welke plant bij jouw plek past?Doe de quiz en vind in 2 minuten jouw groene match.Welke plantjes groeien tussen tegels en op muurtjes?
Tussen tegels is het een zware plek. Er is weinig grond, de voegen worden heet in de zon en er wordt op gelopen. Toch zijn er soorten die hier juist thuishoren:
| Soort | Grond | Zon | Betreedbaar |
|---|---|---|---|
| Muurpeper (Sedum acre) | Arm, droog, goed doorlatend | Volle zon | Licht, af en toe |
| Kruiptijm (Thymus serpyllum) | Droog, kalkrijk of zanderig | Volle zon | Redelijk, geurt bij betreden |
| Vetmuur (Sagina subulata) | Vochtig tot normaal | Zon tot halfschaduw | Goed |
Muurpeper en kruiptijm doen het ook bovenop een muurtje, waar water snel wegloopt. Vetmuur heeft wat meer vocht nodig en is geschikt voor voegen aan de schaduwkant van een pad. Maak de voegen voor het planten een paar centimeter uit en vul ze met een mengsel van zand en potgrond. Wil je meer tegels vervangen door groen, dan heeft Milieu Centraal een stappenplan dat je helpt bij de aanpak.
Welke soorten zijn winterhard?
Winterhardheid wordt vaak uitgedrukt in een zone. Nederland valt grofweg in zone 7 en 8, wat betekent dat een plant met een lagere zone hier de winter in de volle grond meestal zonder hulp overleeft. In een bak ligt dat anders, omdat de kluit daar volledig kan doorvriezen.
| Soort | Zone (ongeveer) | Overwinteren in bak |
|---|---|---|
| Muurpeper | 3 tot 4 | Ja |
| Kruiptijm | 4 tot 5 | Ja, mits de grond niet nat blijft |
| Kruipend zenegroen | 3 tot 4 | Ja |
| Kleine maagdenpalm | 4 | Ja |
| Ooievaarsbek (G. macrorrhizum) | 4 | Ja |
| Muurfijnstraal | 7 tot 8 | Met bescherming, beschut tegen de gevel |
| Waaierbloem en zoete alyssum | Niet winterhard, eenjarig gebruikt | Nee |
Nattigheid is in de winter vaak gevaarlijker dan kou. Vooral tijm en Sedum rotten eerder in natte grond dan dat ze bevriezen. Zorg daarom voor een goed doorlatende grond en een bak met afvoergaten.
Twijfel je over een soort in een bak? Zet de bak in de winter tegen een beschutte gevel en op pootjes, zodat regenwater weg kan. Een laag blad of stro op de grond beschermt de kluit bovendien tegen strenge nachtvorst.
Hoe plant en verzorg je ze door het jaar?
De verzorging per seizoen verschilt, omdat de plant in elke fase iets anders nodig heeft:
- Voorjaar (maart tot mei): het beste plantmoment voor de meeste vaste plantjes. De grond warmt op en is nog vochtig, zodat de wortels snel aanslaan. Eenjarigen zet je pas buiten na half mei, als de kans op nachtvorst voorbij is.
- Zomer: giet potten en bakken bij warm weer dagelijks, bij voorkeur 's ochtends. In de volle grond is eens per week flink water geven bij droogte beter dan elke dag een beetje, zodat de wortels diep groeien. Knip uitgebloeide bloemen weg voor een langere bloei.
- Herfst (september tot november): ook een goed plantmoment voor bodembedekkers, omdat de grond nog warm is. Knip vrouwenmantel en ooievaarsbek terug als het blad lelijk wordt.
- Winter: nauwelijks water in bakken, alleen bij langdurige droogte en zonder vorst. Laat afgestorven blad in de border liggen, dat beschermt de grond en biedt insecten een schuilplek.
Veelgestelde vragen
Welke lage plantjes bloeien het hele seizoen?
Muurfijnstraal en tuingeranium 'Rozanne' bloeien van late lente tot de eerste vorst. Van de eenjarigen houden waaierbloem en zoete alyssum de hele zomer vol. Knip uitgebloeide bloemen regelmatig weg en geef in potten eens per twee weken voeding, zodat de plant energie blijft steken in nieuwe knoppen.
Hoeveel plantjes heb je nodig per vierkante meter?
Voor bodembedekkers reken je gemiddeld op 7 tot 11 plantjes per vierkante meter, afhankelijk van hoe breed de soort uitgroeit. Ooievaarsbek groeit breed, daar volstaan er minder van. Wil je dat de grond sneller dicht is, plant dan aan de ruime kant. Tussen tegels plant je kleine stukjes om de 20 centimeter.
Kunnen kleine plantjes in de schaduw groeien?
Ja, een aantal lage soorten doet het juist goed in schaduw. Kleine maagdenpalm, ooievaarsbek en kruipend zenegroen groeien onder struiken en aan de noordkant van een huis. In diepe schaduw bloeien ze minder, maar het blad blijft de grond bedekken. Tijm en Sedum horen daarentegen in de volle zon.
Moet je bodembedekkers snoeien?
Meestal is een lichte beurt genoeg. Knip na de bloei uitgebloeide stengels weg en snoei uitlopers die buiten de border groeien. Soorten als vrouwenmantel en ooievaarsbek kun je na de zomer flink terugknippen, dan maken ze vers blad. Kruiptijm knip je na de bloei licht bij, zodat hij compact blijft.
Wil je de randen van je tuin of balkon vullen met lage soorten? Kijk in onze collectie bodembedekkers of bij de vaste tuinplanten. Je krijgt gratis verzending, levering binnen 1 tot 3 werkdagen, rechtstreeks vanuit de kas en een verpakking op maat, zodat je plant veilig en onbeschadigd aankomt.
Voor levende planten geldt ons retour- en garantiebeleid, zodat je zeker bent van een goede start in je tuin.
Meer inspiratie voor plantenverzorging? Volg Pureplant op Instagram voor praktische tips, planteninspiratie en handige weetjes.