Cactussen lagere taxa: de indeling van de familie Cactaceae
Lagere taxa zijn de niveaus in de plantenindeling die onder de familie liggen. Bij cactussen gaat het om de familie Cactaceae en daaronder de onderfamilie, het geslacht, de soort en soms een variëteit. Elk niveau zegt iets over verwantschap: hoe lager je komt, hoe meer de planten op elkaar lijken.
Die indeling lees je gewoon terug in de naam op het etiket. Het eerste woord is het geslacht, het tweede de soort, en wat er eventueel achter staat verfijnt het verder. Heb je dat eenmaal door, dan vertelt een naam als Mammillaria elongata je al meteen bij welke groep de plant hoort en welke verzorging waarschijnlijk past.
Wat betekenen lagere taxa?
Een taxon (meervoud taxa) is een groep organismen die botanici als eenheid benoemen. Die groepen staan in een vaste rangorde, van heel breed naar heel specifiek. Voor een cactus ziet dat er zo uit:
- Orde: Caryophyllales, een grote groep bloemplanten waar onder meer ook anjers en spinazie toe behoren.
- Familie: Cactaceae, alle cactussen samen.
- Onderfamilie: een grote tak binnen de familie, met gedeelde bouwkenmerken.
- Geslacht: een groep nauw verwante soorten, zoals Opuntia.
- Soort: planten die in de natuur onderling zaad vormen en duidelijk op elkaar lijken.
- Variëteit of ondersoort: een groep binnen een soort met een eigen, erfelijk kenmerk, zoals een andere bloemkleur of een eigen verspreidingsgebied.
Soms gebruiken botanici ook tussenniveaus, zoals de tribus tussen onderfamilie en geslacht. Voor wie cactussen verzorgt of verzamelt, zijn geslacht en soort het nuttigst.
Welke onderfamilies heeft de Cactaceae?
De cactusfamilie wordt traditioneel in vier onderfamilies verdeeld. Ze verschillen sterk in uiterlijk, waardoor je sommige leden niet eens als cactus zou herkennen.
- Pereskioideae: struiken en kleine bomen met gewone, platte bladeren. Het geslacht Pereskia lijkt op het eerste gezicht op een doornstruik, maar heeft de typische cactusareolen, de kussentjes waar de doorns uit groeien. Recent onderzoek heeft een deel van deze soorten in een eigen geslacht, Leuenbergeria, geplaatst.
- Maihuenioideae: een heel kleine groep met alleen het geslacht Maihuenia, kussenvormende plantjes uit Patagonië en de Andes met kleine, rolronde blaadjes. Ze verdragen flinke kou.
- Opuntioideae: herkenbaar aan gelede stengels, vaak platte schijven, en aan glochiden. Dat zijn piepkleine haakhaartjes die bij aanraking loslaten en lastig uit je huid te halen zijn.
- Cactoideae: veruit de grootste onderfamilie, met bijna alle bol- en zuilcactussen die je als kamerplant kent. Bladeren ontbreken of zijn nauwelijks zichtbaar.
Ook de bladcactussen die in bomen groeien, zoals de kerstcactus, horen bij de Cactoideae.
Weet je niet zeker welke plant bij jouw plek past?Doe de quiz en vind in 2 minuten jouw groene match.Welke geslachten zijn het bekendst?
Binnen de Cactoideae en Opuntioideae zitten de geslachten die je het vaakst in de handel tegenkomt. De aantallen soorten zijn bij benadering, omdat botanici ze niet allemaal op dezelfde manier afbakenen.
| Geslacht | Onderfamilie | Aantal soorten (ongeveer) | Herkenningspunt |
|---|---|---|---|
| Mammillaria | Cactoideae | 150 tot 200 | Tepelvormige knobbels in spiralen, bloemen in een krans rond de top |
| Echinopsis | Cactoideae | Enkele tientallen tot ruim 100, sterk afhankelijk van de indeling | Grote trechterbloemen met een lange bloembuis |
| Opuntia | Opuntioideae | 150 tot 180 | Platte, ovale schijven met glochiden |
| Ferocactus | Cactoideae | Ongeveer 25 tot 30 | Bol- tot tonvorm met zware, vaak gehaakte doorns |
| Schlumbergera | Cactoideae | Minder dan 10 | Platte, gelede stengels zonder grote doorns, bloemen aan de uiteinden |
Wil je de groepen vooral op uiterlijk leren herkennen, bekijk dan ook ons overzicht van verschillende cactussen.
Hoe ontleed je een botanische naam?
Neem als voorbeeld Gymnocalycium mihanovichii var. friedrichii 'Hibotan'. Dat is de felrode of gele bolcactus die je vaak geënt op een groene onderstam ziet staan.
- Gymnocalycium is het geslacht. Het begint altijd met een hoofdletter.
- mihanovichii is de soortaanduiding. Die schrijf je met een kleine letter en heeft alleen betekenis in combinatie met het geslacht. Samen vormen ze de soortnaam.
- var. friedrichii geeft de variëteit aan, een natuurlijke vorm binnen de soort met eigen kenmerken.
- 'Hibotan' tussen enkele aanhalingstekens is een cultivar, een door mensen geselecteerde en in stand gehouden vorm. In dit geval een plant zonder bladgroen, die daarom op een onderstam moet groeien.
Geslacht, soort en variëteit worden cursief geschreven, de cultivarnaam niet. De soortaanduiding verwijst vaak naar een persoon, een plek of een kenmerk. Zo betekent elongata "verlengd" en verwijst mihanovichii naar een persoon. Meer voorbeelden vind je in ons artikel over namen van cactussen.
Waarom veranderen cactusnamen soms?
Lange tijd deelden botanici cactussen vooral in op uiterlijk: de vorm van de stam, de doorns en de bloem. Sinds DNA-onderzoek betaalbaar werd, blijkt dat sommige planten die op elkaar lijken niet nauw verwant zijn, en andersom.
Daardoor worden geslachten samengevoegd of juist gesplitst. Het vroegere geslacht Notocactus is bijvoorbeeld opgegaan in Parodia. De pindacactus heette lang Chamaecereus silvestrii en staat nu bekend als Echinopsis chamaecereus. De paascactus is van Rhipsalidopsis via Hatiora bij Schlumbergera terechtgekomen. Bij Echinopsis is de discussie nog volop gaande.
Niet iedereen neemt een nieuwe naam direct over, dus in de handel zie je vaak oude en nieuwe namen door elkaar. Twijfel je welke naam nu geaccepteerd is, zoek dan op in de database van Kew Plants of the World Online. Daar zie je ook de synoniemen.
Wat heb je aan de indeling bij verzorging?
Planten binnen hetzelfde geslacht komen vaak uit vergelijkbare leefgebieden. Daardoor delen ze meestal ook hun behoeften. Dat maakt de naam op het etiket tot een handig startpunt voor verzorging:
- Mammillaria en Rebutia: willen veel licht en een koele, droge winter rond 5 tot 12 graden. Zonder die rust maken ze weinig bloemknoppen.
- Ferocactus: houdt van volle zon en warmte. In de winter liever niet veel kouder dan 10 graden, omdat de plant anders vlekken kan krijgen.
- Opuntia: groeit snel en verdraagt veel zon. Een aantal soorten kan zelfs buiten overwinteren, mits ze droog staan.
- Schlumbergera: komt uit vochtige bossen en wil geen felle zon en geen volledig droge winter. Korte dagen in de herfst zetten de knopvorming in gang.
Een indeling is geen verzorgingsvoorschrift, want ook binnen een geslacht zijn er uitzonderingen. Maar weet je het geslacht, dan zit je met de basis zelden ver ernaast.
Veelgestelde vragen
Hoeveel soorten cactussen bestaan er?
Er zijn ongeveer 1.500 tot 1.800 soorten cactussen, verdeeld over zo'n 130 tot 175 geslachten. Het precieze aantal hangt af van welke indeling je volgt. Sommige botanici voegen soorten samen, andere splitsen ze op. Bijna alle soorten komen oorspronkelijk uit Noord- en Zuid-Amerika.
Wat betekent de tweede naam van een cactus?
De tweede naam is de soortaanduiding. Die maakt samen met de geslachtsnaam de volledige soortnaam, zoals Opuntia microdasys. Het woord verwijst vaak naar een kenmerk, een vindplaats of een persoon. Microdasys betekent bijvoorbeeld zoiets als "klein en ruig", wat past bij de fijne plukjes glochiden op de schijven.
Wat is het verschil tussen een geslacht en een soort?
Een geslacht is een groep nauw verwante soorten die belangrijke kenmerken delen, zoals de bloemvorm. Een soort is de kleinere eenheid daarbinnen: planten die sterk op elkaar lijken en onderling zaad vormen. Mammillaria is dus een geslacht met veel soorten, en Mammillaria elongata is een van die soorten.
Behoort een kerstcactus tot de echte cactussen?
Ja. De kerstcactus (Schlumbergera) hoort gewoon bij de familie Cactaceae, in de onderfamilie Cactoideae. Hij ziet er anders uit omdat hij in de natuur op bomen groeit in vochtige bossen in Brazilië. Daardoor heeft hij platte stengels, nauwelijks doorns en een heel andere verzorging dan een woestijncactus.
Benieuwd hoe al die geslachten er in het echt uitzien? In onze collectie cactussen staat bij iedere plant de botanische naam, zodat je de indeling zelf kunt terugzien. Je krijgt gratis verzending en levering binnen 1 tot 3 werkdagen, rechtstreeks vanuit de kas. Dankzij de verpakking op maat komt je plant veilig en onbeschadigd aan.
Voor levende planten geldt ons retour- en garantiebeleid.
Lees ook
Meer inspiratie voor plantenverzorging? Volg Pureplant op Instagram voor praktische tips, planteninspiratie en handige weetjes.