Haagplanten: kies de juiste haagplant voor jouw tuin
Filters
Sorteren Best verkopende
De beste haagplanten voor jouw tuin hangen af van vijf vragen: hoe hoog moet de haag worden, hoeveel privacy wil je, moet hij in de winter groen blijven, hoeveel zon valt er op de plek en hoeveel tijd wil je aan snoeien besteden? Kijk daarnaast naar de uiteindelijke breedte en de groeisnelheid. Een haag die snel dichtgroeit, neemt ook snel ruimte in. Wie die punten vooraf op een rij zet, kiest een soort die over tien jaar nog steeds past.
Waar let je op bij het kiezen van haagplanten?
Een haag staat vaak tientallen jaren op dezelfde plek. Verplanten is lastig, dus een goede keuze aan de voorkant scheelt veel werk. Loop deze punten langs:
- Hoogte: een lage rand langs een pad vraagt een andere plant dan een scherm van twee meter. Een hoge haag betekent later ook knippen vanaf een trap.
- Breedte: reken op een haag die breder wordt dan het plantgat. Langs een smal pad of oprit blijft dan weinig loopruimte over.
- Groeisnelheid: snel betekent sneller privacy, maar ook vaker snoeien.
- Wintergroen of niet: wil je in januari ook niet ingekeken worden, of mag er in de winter meer licht door?
- Zon en schaduw: niet elke soort blijft dicht met weinig licht.
- Bodem: natte klei, droog zand of kalkrijke grond beperken je keuze, omdat wortels in een ongeschikte bodem slecht aanslaan.
- Snoeibehoefte: sommige hagen knip je eens per jaar, andere twee tot drie keer.
Blijf je hangen tussen twee kandidaten? Geef onderhoud en bodem dan de doorslag. Een plant die zich thuis voelt, groeit gelijkmatiger en blijft beter gevuld.
Welke haagplant is geschikt voor jouw tuin?
Onderstaande tabel vergelijkt bekende haagplanten op de eigenschappen die voor de aankoop het zwaarst wegen. De groeisnelheid is een indicatie, want grond, klimaat en plantmaat spelen mee.
| Haagplant | Privacy | Wintergroen | Groeisnelheid | Onderhoud |
|---|---|---|---|---|
| Beuk (Fagus sylvatica) | Goed | Nee, maar houdt vaak bruin blad vast | Gemiddeld | Een keer per jaar knippen |
| Haagbeuk (Carpinus betulus) | Goed | Nee, bruin blad blijft korter hangen | Gemiddeld | Een keer per jaar knippen |
| Laurierkers (Prunus laurocerasus) | Zeer goed | Ja | Vlot | Groot blad, snoeien met de hand oogt netter |
| Taxus (Taxus baccata) | Zeer goed | Ja | Rustig tot gemiddeld | Een tot twee keer per jaar |
| Hulst (Ilex aquifolium) | Goed | Ja | Langzaam | Weinig, maar stekelig blad |
| Veldesdoorn (Acer campestre) | Redelijk | Nee | Gemiddeld | Geschikt voor een losse, landelijke haag |
| Leylandii (× Cuprocyparis leylandii) | Zeer goed | Ja | Zeer snel | Tot drie keer per jaar |
Beuk en haagbeuk zijn bladverliezend. Toch geven ze in de winter meer beschutting dan je verwacht: een geschoren beukenhaag houdt volgens de RHS-teeltgids voor beuk vaak zijn dode bladeren vast. Op natte, zware grond kies je beter haagbeuk, omdat beukenwortels daar kunnen gaan rotten. Taxus, ook wel venijnboom, groeit in bijna elke grond behalve drassige. Houd er rekening mee dat alle delen behalve het rode vruchtvlees volgens de RHS sterk giftig zijn. Plant hem daarom liever niet waar jonge kinderen of grazende dieren bij de takken kunnen. Zoek je een lage, strakke rand in plaats van een scherm, bekijk dan de collecties buxus en kardinaalsmuts.
Welke haag groeit snel en geeft snel privacy?
Snelle groeiers als Leylandii en laurierkers sluiten sneller dan beuk of taxus. Dat is prettig bij een nieuwe woning of een tuin die open ligt naar de buren. Het nadeel komt een paar jaar later. De RHS-snoeigids voor Leylandii adviseert een volgroeide haag tot drie keer per groeiseizoen te knippen. Laat je dat een jaar schieten, dan kun je niet zomaar diep terugsnoeien: uit kaal, bruin hout loopt deze conifeer niet opnieuw uit.
Veel tuiniers merken dat een haag die in korte tijd dichtgroeit, later te hoog of te breed wordt voor de plek. Wind, ruimte naar de buren en de gewenste eindhoogte verdienen daarom net zoveel aandacht als de snelheid. Bepaal vooraf:
- op welke hoogte je de haag wilt houden;
- hoeveel centimeter breedte je kunt missen;
- of je twee tot drie snoeibeurten per jaar realistisch vindt.
Past dat niet, dan is een rustiger groeiende soort op den duur minder werk, ook al moet je een seizoen langer wachten op volledige privacy.
Wintergroen of bladverliezend: wat past bij jouw haag?
Wintergroene haagplanten houden hun blad het hele jaar. Daardoor blijft je terras ook in de winter uit het zicht. Laurierkers, taxus en hulst horen in deze groep. Bladverliezende soorten laten in de herfst hun blad vallen of verkleuren bruin. Dat klinkt als een nadeel, maar er valt dan meer licht in de tuin en in huis. Volgens de RHS-keuzegids voor hagen filtert een bladverliezende haag bovendien de wind, terwijl een dichte groenblijvende haag juist onrustige windwervelingen kan veroorzaken.
Let op de standplaats. Dezelfde gids noemt haagbeuk geschikter voor koude, open plekken dan beuk, en laurierkers als soort die ook zware klei aankan. Een wintergroene haag in een koude, winderige hoek kan wel bruine bladranden krijgen na vorst. Kies op zo'n plek een soort die als winterhard bekendstaat.
Welke haagplanten kies je voor schaduw of zon?
In volle zon heb je de meeste keuze. Beuk, veldesdoorn, meidoorn (Crataegus monogyna) en Leylandii groeien daar het dichtst. Geef een jonge haag in de zon wel extra water in droge zomers, want de grond droogt daar sneller uit.
In halfschaduw en schaduw vallen veel soorten af. Taxus doet het volgens de RHS zelfs in diepe schaduw goed. Ook hulst, laurierkers en Portugese laurier worden in de keuzegids genoemd als soorten die minder licht verdragen.
Een haag met beperkte lichtinval groeit trager en wordt vaak ijler. De onderkant verkaalt als eerste, omdat daar het minste licht komt. Snoei zo'n haag daarom iets taps: onder breder dan boven. Staat de haag half in de zon en half in de schaduw, dan groeit hij vaak ongelijk. Kies dan een soort die beide aankan, zodat de rij er over de hele lengte gelijk uitziet.
Wanneer kun je het beste een haag planten?
Het plantseizoen hangt af van hoe de plant geleverd wordt. De RHS-plantgids voor hagen maakt dit onderscheid:
- Kale wortel: planten zonder pot of kluit. Bladverliezende soorten zoals beuk en haagbeuk plant je vanaf de bladval tot in de late winter, zolang de grond niet bevroren is.
- Groenblijvend: de vroege herfst is ideaal. De grond is dan nog warm, zodat de wortels voor de winter aanslaan.
- In pot of met kluit: de wortels zitten al in aarde, waardoor je iets flexibeler bent in het moment. Vermijd hitte en vorst.
Houd een nieuwe haag de eerste twee jaar goed vochtig, want de wortels reiken dan nog niet diep. Meer over timing lees je in laurierkers planten: de beste timing.
Hoeveel haagplanten heb je nodig?
Vier factoren bepalen het aantal: tussenruimte, gewenste dichtheid op korte termijn, plantmaat en soort. Grotere planten en breed uitgroeiende soorten zet je verder uit elkaar. De RHS noemt voor een enkele rij een plantafstand van 30 tot 60 cm, afhankelijk van de uiteindelijke omvang van de plant. Reken dus grofweg op twee tot drie stuks voor elke meter haag. Voor een haag die breder moet worden dan 90 cm adviseert de RHS een dubbele, verspringende rij.
Zo reken je het uit:
- Meet de lengte van de haag in centimeters.
- Deel die door de plantafstand die bij jouw soort en plantmaat hoort.
- Zet je aan beide uiteinden een plant, tel er dan een bij op.
Een voorbeeld: een haag van 6 meter met 40 cm tussenruimte geeft 600 gedeeld door 40, dus 15, plus 1 maakt 16 planten. Plant je dichter, dan sluit de haag eerder, maar concurreren de planten ook meer om water.
Veelgestelde vragen over haagplanten
Welke haagplant is het beste?
Er is geen soort die overal wint. Taxus is een sterke keuze voor een strakke, dichte haag die ook in schaduw groeit, maar hij is giftig en heeft wat geduld nodig. Beuk geeft een natuurlijke uitstraling op goed doorlatende grond. Laurierkers sluit snel en blijft groen. Leg je eisen voor hoogte, grond en onderhoud naast elkaar en kies de soort die de meeste punten dekt.
Welke haagplant is geschikt voor weinig onderhoud?
Soorten die langzaam groeien vragen minder knipwerk. Hulst en taxus kun je bij een informele vorm vaak met een snoeibeurt per jaar bijhouden. Beuk en haagbeuk hebben ook genoeg aan een keer knippen, rond de late zomer. Vermijd bij weinig tijd juist de snelste groeiers, zoals Leylandii, want die vragen meerdere beurten per seizoen.
Welke haagplant kan in de schaduw?
Taxus verdraagt van alle genoemde soorten de meeste schaduw. Hulst is een goed alternatief als je een haag wilt die ook ongewenste bezoekers tegenhoudt, dankzij het stekelige blad. Laurierkers en Portugese laurier groeien in halfschaduw. Reken in elke schaduwsituatie op tragere groei, zodat je niet schrikt als de haag er langer over doet om te sluiten.
Welke haag is wintergroen?
Laurierkers, Portugese laurier, taxus, hulst en Leylandii houden hun blad in de winter. Beuk en haagbeuk zijn formeel bladverliezend, maar houden als geschoren haag vaak een deel van hun bruine blad tot het voorjaar. Dat geeft zicht- en windbescherming, al is het minder dicht dan een echte groenblijvende soort.
Hoeveel haagplanten heb ik nodig?
In een gewone enkele rij heb je meestal twee tot drie exemplaren per meter nodig. Kies je voor een brede haag in twee verspringende rijen, dan heb je per meter duidelijk meer planten nodig. Kijk bij elk product welke afstand bij die plantmaat hoort. Zo bestel je in een keer het juiste aantal en voorkom je gaten die later moeilijk dichtgroeien.
Klaar om te kiezen? Bekijk de haagplanten op deze pagina of ontdek de collectie heggen voor een kant-en-klare erfafscheiding. Je bestelling komt rechtstreeks vanuit de kas, met gratis verzending en een verpakking op maat, zodat de planten stevig en veilig onderweg zijn. Je kunt rekenen op levering binnen 1 tot 3 werkdagen. Planten zijn levende producten en kunnen niet retour. Is er toch iets mis bij aankomst, zoals transportschade? Mail dan binnen 48 uur je bestelnummer en foto's naar info@pureplant.nl, zodat Pureplant een passende oplossing voor je zoekt.